Stamboom Kuijpers generatie 1

Afstammelingen van Jacob Cuypers

    Home of volgende generatie   

Voor het laatst bijgewerkt op 3 mei 2021.


’s Gravenmoer wordt voor het eerst vermeld in 1293. Het is ontstaan als veenkolonie en hoorde oorspronkelijk bij het Graafschap Holland dat een gedeelte van het gebied ten zuiden van de rivier de Maas in bezit had. In het bewuste jaar gaf graaf Floris V vijftien hoeven wilderten in den Groten Ham aan Steven van Waalwijk. In 1326 sprak men van vijftien hoeven venes, legghende in Sgraven moer. Samen met Roosendaal wordt ’s Gravenmoer genoemd als oudste veenkolonie van Nederland. Er lag een turfvaart, die echter in de loop van de 15e eeuw verzandde, waarna in de 16e eeuw de ’s Gravenmoerse Vaart werd gegraven.

In 1421 werd het dorp en het omringende land tijdens de Sint-Elisabethsvloed zwaar getroffen.


Klik op de foto voor een grotere versie in een nieuw venster.

Van begin af aan was ’s Gravenmoer een schippersplaats, waar gehandeld werd in turf. Zo ook de eerst bekende voorouders van de familie Kuijpers. Toen de turfwinning verminderde, vervoerde men stro en vooral rijshout naar Holland en Zeeland, waar het werd gebruikt voor de versterking van de dijken. In de negentiende eeuw was de beervaart lucratief: het (beerput)afval van de steden werd opgehaald en gebruikt voor bemesting van het land.

In de zestiende eeuw kwam het dorp via de contacten die de schippers hadden, in aanraking met de Reformatie en werd het gewonnen voor de “nije leer”.
In 1610 werd een predikant aangesteld. De eeuwen daarna bleef ’s Gravenmoer een protestantse enclave in een rooms-katholieke streek.

Gedurende de Tachtigjarige Oorlog probeerde het dorp aansluiting in vinden bij Brabant, maar het werd in 1734 bij Holland gevoegd. In 1792, het “Rampjaar”, werd het dorp door Franse soldaten geplunderd en in brand gestoken. Inclusief de kerk met inventaris en de kerkelijke doop-, trouw- en begraafboeken. De staten van Holland gaven daarna toestemming om een landelijke loterij te organiseren ten behoeve van het dorp. In 1814, na de Franse tijd, werd het dorp definitief bij de nieuw gevormde provincie Noord-Brabant gevoegd.

Onvermijdelijk kwam aan de scheepvaart een einde. In 1905 werd op de scheepswerf Tak in ’s Gravenmoer het laatste schip te water gelaten: de Excelsior van Gijsbert Kuijpers. Uiteindelijk werd in 1950 de haven gedempt. Tot 1997 vormde ’s Gravenmoer een zelfstandige gemeente, waarna het bij Dongen werd gevoegd.

1.1. Jacob Cuypers is geboren omstreeks 1540. Over zijn herkomst moeten we vooralsnog aannemen dat hij geboren is in ’s Gravenmoer of in de omgeving daarvan in de veengebieden van Noord-Brabant.
Jacob trouwde, maar van zijn vrouw ontbreken de gegevens.

Ze kregen samen de volgende kinderen:

2.1. [M] (i) ?Adriaan Jacobse Cuypers is geboren omstreeks 1562 te ’s Gravenmoer of in de omgeving daarvan.
2.2. [M] (ii) Gijsbert Jacobse Cuypers is geboren omstreeks 1563 en vóór 25 maart 1626 overleden te ’s Gravenmoer. In 1599 woont hij in ’s Gravenmoer met “sijn huisvrou met vier kynderen waervan het jonxte audt is twee jaar”.
Ghijsbert trouwde met Commerke Laureijssen. Ook zij is vóór 25 maart 1626 overleden. Hun gezin telde minsten 4 kinderen.

Stamboom Kuijpers generatie 1

Externe links:

WieWasWie.nl

GaHetNa.nl

FamilySearch.org